boeken voor kleine en grote kinderen

Posts Tagged ‘Job en de duif’

Kleine duifjes worden groot

In Nieuw werk on april 8, 2014 at 2:21 pm

Job bult cover compleet Ik schrik me een bult: weer een boek klaar! Nu ja, de tekst lag er al een tijdje, maar écht klaar is het pas als de illustraties van Noëlle Smit erbij staan. En ja hoor, ze deed het weer, voor de derde keer al. De tekeningen zijn weer even knap als in Job en de duif en Job en de duif redden Kip. Minstens!

In Job en de duif schrikken zich een bult gaat Job met zijn ouders naar Parijs. Daar hebben ze een belangrijk nieuwtje te vertellen. Duif houdt thuis een oogje in het zeil maar wordt belaagd door buurkat Minsie en haar kleintjes Bink en Bonk. Er doen geen kamelen of dromedarissen in mee, de bulten zijn uit het dagelijkse leven gegrepen en duiken zomaar uit het niets op.

Het verhaal is geschreven op maat van beginnende lezers (voor de technici: leesniveau AVI4 – AVI 5 / AVI  – M4 – AVI E4). Er staat wel een woord in van 33 letters, maar het is er eentje dat alle kinderen kennen. Lannoo verzorgde de uitgave, en ook al is het formaat iets groter dan Job I en II, toch is het alweer een knap boek geworden. Nu nog wat leeshonger aanwakkeren bij het doelpubliek, en het smulfestijn kan beginnen…

Advertenties

‘Job en de duif’-nieuwsflash!

In Leren lezen, Nieuw werk, Nominaties en prijzen, Uncategorized on juni 25, 2013 at 9:14 am

010‘Job en de duif redden Kip’ is genomineerd voor de Kinder- en Jeugdjury 2014! Op het bekroningsfeest in 2012 heb ik mogen meemaken hoe dolenthousiast 6-8-jarigen zijn als ze de persoon achter een boek zien. Ik mocht toen het podium op voor ‘Job en de duif’ en zag een zee van blije oogjes. En te zeggen dat ik zelf nóg blijer keek dan al die kinderen samen… Ik zie er dus heel erg uit naar dat feest in 2014.

Er komt ook een derde deel over Job en zijn eigenwijze duif. Het duurt nog even voor het boek in de winkel ligt want eerst moet illustratrice Noëlle Smit nog met de (net afgewerkte) tekst aan de slag. Daarin maken nieuwe dieren hun opwachting, Bink en Bonk bijvoorbeeld, en Minsie. Er is ook bloed, er is een bult, en er is rijst met kriekjes. Duif is nog altijd een durfal en Job, tja… Ik mag nog niet alles verklappen, dat zou pas zonde zijn.

Een derde nieuwtje is dat ‘Job en de duif’ naar China gaan, waar ze verder zullen kibbelen – in Chinese karakters dan. Persoonlijk ga ik liever naar Canada, maar goed, ik hoef gelukkig niet mee te reizen met mijn personages, die kunnen het wel alleen af, of dat hoop ik tenminste. Ach ja, zolang ze er maar geen ‘Job en de gelakte duif’ van maken. Hup, Job! Hop, Duif! Chinese eerste lezertjes over de streep gaan trekken!

Aan flarden

In Over mijn werk on november 26, 2012 at 2:28 pm

Stel je voor dat ik plots iets zag in de slordig gestapelde houtblokken, een betekenis? Dat ik iets las in de manier waarop de bladeren op het gras gevallen zijn, waar ze liggen, met hoeveel ze zijn. In de kruimels op mijn bord na het eten van een broodje kip met veldsla, stel dat die kruimels daar niet zomaar liggen te liggen maar mij iets vertellen. Zoiets denk ik vaak, de laatste tijd. Ik zit nochtans niet meer op grasvelden voor psychiatrische ziekenhuizen te schrijven, het is de zesjarige in huis die dit teweegbrengt. Sinds een paar weken heeft hij in de gaten dat al die lijnen en krommingen, al die boogjes en krullen, stippen en streepjes iets willen zeggen.

Magnus van zes leert lezen en hij is niet kieskeurig, hij leest alles wat op zijn weg komt. Zijn blik valt voortdurend op letters, die hij geconcentreerd na elkaar zegt en daarna herhaalt hij blij het geheel, hakken en plakken heet dat op school, hij hakt en plakt de hele dag door. Hij is eindelijk opgenomen in een systeem dat feilloos werkt, een systeem dat op net dezelfde manier door grote en kleine mensen wordt gebruikt, een systeem waar je deel van uitmaakt voor de rest van je leven.

Ik geniet mee met hem, natuurlijk wel. Ik schrijf zelfs boeken, speciaal voor hem en alle andere prille lezensgenieters.

Maar tegelijkertijd besef ik: op zoiets wacht ik nu al sinds mijn zevende.

Want na dat ene fantastische jaar waarin ik leerde lezen en schrijven, viel het stil. Ik heb nooit meer ergens iets van begrepen, toch niet meer op zo’n allesomvattende manier. Ik zoek wel, maar al wat ik vind zijn flarden. Hele straffe, soms, zoals de TED-lezing van Bart Moeyaert vandaag, flarden vol schoonheid die je, ja, aan flarden slaan, waarna je als een nieuw mens weer aan de slag gaat. Die vernieuwing komt ook soms uit de wereld buiten de letteren, zoals in Canada waar mijn levenslange angst voor honden plots wegviel omdat mijn angst voor beren veel groter was, maar een diersoort is nog geen alfabet, en ik word ook niet begeleid zoals toen ik zes was, het aaien is aan mij, op eigen risico.

Natuurlijk kan ik nog boomchirurg worden, Sanskriet leren, op tangoles gaan, een getuige van Jehova binnenlaten of HUMO beginnen te lezen. Maar niets zal nog binnendringen zoals de letters dat destijds deden. Ik leg me neer bij het feit dat het bij flarden zal blijven, maar dat klinkt weer te negatief, want ze zijn mijn brandstof, ik kan niet zonder, sommige komen bevrijdend dicht in de buurt van een alfabet.

Vanavond hak en plak ik weer, samen met Magnus. Eerst het huiswerk, daar maakt hij zich snel van af, want er valt nog een hele wereld te lezen, het hoeven zelfs geen woorden te zijn, met een paar gekke letters is hij al blij.

(Wat heerlijk dat ik woorden mag aanreiken aan eerste lezers die de shampooflesjes en melkverpakkingen ontgroeid zijn: ‘Job en de duif’ krijgen een derde boek.)

(Dat ik daarnaast een nieuw jeugdboek schrijf, is ook meegenomen. Met elk boek probeer ik mezelf gerust te stellen, geen paniek, het is het leven maar en als de gebruiksaanwijzing zoek is, schrijf ik er zelf wel gauw eentje. Nu ja, gauw. Zeker in de loop van volgend jaar dus, een nieuw boek, vol flarden.)

Hoe maak ik een schrijver blij?

In Nominaties en prijzen on mei 23, 2012 at 8:38 am

Op het bekroningsfeest van de Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen 2012 werd ‘Job en de duif’ derde in de categorie 6-8 jaar. Het is de enige bekroning waar kinderen hun lievelingsboeken helemaal zelf kiezen. De prijs zelf, maar ook de reacties van kinderen en hun ouders die een praatje kwamen maken: echt hartverwarmend en overdonderend. Niet dat ik anders een treurwilg ben, maar zo blij loop ik toch ook weer niet vaak rond!

Job en de duif kibbelen verder

In Nieuw werk on april 17, 2012 at 10:00 am

Nieuw boek! Vervolg op Job en de duif (Lannoo, 2011), alweer met de geweldige illustraties van Noëlle Smit.

Het boek gaat over Job en de duif, maar ook over de drang, over pluimen krijgen, over je draai vinden en over stijl. Over praatjesduiven en fuifduiven, over nors ogen en toch lief zijn. En die Kip dan? Die belandt bijna in de pot, omdat ze geen ei legt. Gelukkig zijn Job en de duif in de buurt, want behalve in bekvechten zijn ze goed in redden. Zo blijkt…

Een boek op maat van beginnende lezers (AVI 3- AVI4/E3-M4), uitgegeven bij Lannoo, en vanaf nu te koop in de boekhandel.

Een welp voor een duif

In Over mijn werk on februari 24, 2011 at 1:50 pm

‘Job en de duif’ kreeg een Boekenwelp!

Je kunt nooit weten hoe een koe een haas vangt. En ook niet hoe een duif een welp vangt. Maar als die welp er eenmaal ligt, moet je maar aannemen dat die duif toch geen doetje was. De welp beweegt niet meer, maar hij mag hier bekomen, van alles. Ik koester hem.

Uit het juryverslag:

De winnaar van de tweede Boekenwelp krijgt meteen ook de prijs voor het origineelste en meest gewaagde hoofdpersonage. Je moet het maar durven: duivenmelkerij centraal stellen in een boek voor beginnende lezers. Maar wat blijkt, duiven en zesjarige kinderen hebben meer met elkaar gemeen dan je misschien denkt. Een tand verliezen lijkt wat op de rui van een duif, en een moeder is als een baas – maar dan anders. Duif en kind zijn ook allebei bijzonder eigenzinnig, taalvaardig en gewoon grappig in dit overheerlijke kinderboek. Deze auteur weet een boek voor eerste lezers met evenveel souplesse te schrijven als haar adolescentenromans.

Hoera!

In Over mijn werk on februari 3, 2011 at 2:01 pm

Mijn zieke vierjarige heeft me daarnet al uitgeroepen tot beste hoofdkussen (na zijn dutje op mijn hoofd). En nu nog een nominatie voor de Boekenleeuw voor ‘Job en de duif’? Een topdag!

Uit het juryverslag:

Evelien De Vlieger bewijst met dit originele boek voor beginnende lezers dat ze niet alleen voor de Vlaamse adolescentenliteratuur een aanwinst is. De onverwachte vriendschap tussen een jongetje en een duif levert levendige dialogen en avontuurlijke scènes op. Niet alleen verwerkt de auteur op een heel natuurlijke manier allerlei weetjes over duiven en duivensport in het verhaal, ze doet dat ook nog eens in korte woorden en eenvoudige zinnen. Bovendien leert Job door zijn gesprekken met de duif ook zichzelf beter kennen, en zo’n interessante psychologische ontwikkeling zie je zelden in boeken voor eerste lezers. 

Deze woorden geven me moed, want mijn nieuw jeugdboek verschijnt eind februari, en dat is altijd een sprong in het duister. Natuurlijk geeft het ook voldoening om het beste hoofdkussen te zijn (ook als zakdoek, broodautomaat en elektrische deken doe ik het niet slecht). Maar een nominatie voor iets wat ik geschreven heb doet me even zweven, het geeft me lucht en rust. Meer heeft dit huishoudapparaat niet nodig…

Krabbeltje

In Over mijn werk on november 1, 2010 at 8:41 pm

Ik signeer deze week op de Boekenbeursstand van Lannoo in hal 3.

Ik gebruik een balpen dus een gom zal niet volstaan als mijn opdracht je niet bevalt. Afspraak woensdag 3 november van 14u tot 16u. Voor de durvers…

De wei van Koe

In Net gelezen on juni 10, 2010 at 8:30 am

In mijn wekelijkse halfuur als leesmoeder op school, was het AVI-boekje van deze week zo saai dat ik de kinderen na één blad van achteren naar voren heb laten lezen. We begrepen niets meer van het verhaal, maar grappig was het wel, en het lezen ging zelfs vlotter. Ik kan me dus helemaal vinden in het artikel van Eveline Vink op Recensieweb: ‘Gij zult saai schrijven voor jonge lezers’. Ze bespreekt daarin ‘Job en de duif’ en ook ‘De wei van Koe’ van Paul de Moor, en gisteren las ik dat.

Ik las het niet voor, ik las het zelf, en was meteen verkocht. Het is het soort boek waarvan ik ga denken dat ik nooit van mijn leven nog twee lettergrepen wil schrijven. Ik geef een voorbeeld:

‘De herfst heeft de smaak van peer, weet Koe.

En van pruim.

En een toets van noot.

Soms denkt ze dat de herfst een spin is die haar web om de wei weeft.’

Hoe Paul de Moor erin slaagt weet ik niet, maar Koe en Rat en de andere dieren hebben al na een paar pagina’s zoveel persoonlijkheid dat je er gerust een paar van je eigen vrienden voor wilt laten vallen. Het is dus te hopen dat boekhandelaars dit boek aanprijzen aan een ruimer publiek, al zitten eerste lezers natuurlijk meteen goed als ze hiermee het lezen mogen ontdekken. Zoals het jongetje Briek in het boek zegt: ‘Koe hoort in de wei, als een tak aan de boom’, zo eenvoudig is het: dit boek hoort bij iedereen die leest.

AVI-literatuur

In Recensies on mei 18, 2010 at 8:40 am

‘Job en de duif’ kreeg de voorbije week nog een paar mooie besprekingen.

Er stonden stukjes in Het Parool, Het Nieuwsblad en Trouw, niet slecht voor een eerstelezersboek.  Ook op Pluizuit wordt het besproken, zie hier. Bas Maliepaard (Trouw, 15/05) schrijft: ‘Eerste lezers die zich hakkelend een weg naar het einde banen, hebben recht op een beloning, op een verhaal dat hen doet vergeten dat ze aan het leren zijn. Precies dat lukt Evelien De Vlieger in ‘Job en de duif’ (…)  AVI-literatuur, dat woord bestaat nog niet, maar wie wil weten wat het is: lees ‘Job en de duif’.

Het is niet alleen mijn boek, het is ook dat van Noëlle Smit, die de illustraties maakte. Dat zij goed is, is nog maar eens bewezen, want ze heeft met ‘Fiet wil rennen’ de onderscheiding ‘Prentenboek van het jaar 2011’  verdiend (tekst van Bibi Dumon Tak). Wie nog geen bezoekje aan haar site heeft gebracht, moet dat zeker eens doen, al was het maar voor haar mooie titelbalk. Ik moet die ‘Fiet’ dringend eens te pakken krijgen.