boeken voor kleine en grote kinderen

Wat boeken kunnen (11)

In Over mijn werk on december 18, 2014 at 8:58 am

muziekboek_winkeltje_spelen_liedjes_en_s‘Flitsmarathon’ is het woord van 2014, voor volgend jaar wordt door Bart T’Jampens in De Standaard onder meer ‘pensletje’ naar voren geschoven als mogelijk woord van 2015. ‘Verdere inkrimping van subsidies en dalende boekenverkoop maken van het schrijverschap een oneerbaar beroep’, staat er als verklaring bij. Ik ging vandaag eigenlijk schrijven over de zingende Japanner, maar nu heb ik weinig keus: ik moet schrijven over mijn collega-auteurs. Ik heb twaalf jaar in loondienst gewerkt, en een van de redenen dat ik daar zo lang ben gebleven waren de fantastische collega’s die ik er had. Het waren wilde, warme tijden, ik was jong en onaangepast maar in die groep mensen voelde ik me bijna een sociaal dier. Toch zette ik de stap naar een fulltimeschrijverschap en gaf ik mijn collega’s op – dat viel niet meer tegen te houden. Ik had gedacht dat er niets in de plaats voor zou komen, want als schrijfster zit je alleen aan je bureautje, of in mijn geval in een caravan bij het kippenhok: geen mens die daar komt vragen of je beter geslapen hebt dan de vorige nacht en of je nog een chocolaatje wilt bij je koffie. Dat dacht ik. Maar de werkelijkheid is helemaal anders. Ik heb wel degelijk collega’s, zo blijkt nu. We drinken niet vaak koffie, samen, maar toch is er een grote samenhorigheid. De portie aandacht voor jeugdliteratuur is zo klein dat het een wonder is dat we elkaar de ogen niet uitkrabben, maar dat komt natuurlijk omdat we één ding gemeen hebben: we zijn gevoelig. Dat klinkt als een cliché, maar toch is het iets wat ons bindt. We verschillen in heel veel, behalve daarin, onze gevoeligheid is wat ons bindt, anders zou het niets worden met dat schrijven. Als alle jeugdauteurs bijvoorbeeld samen in een lange rij aan de kassa zouden staan, zou het er beschaafd aan toe gaan, daar ben ik zeker van. Zelfs in de meest enerverende situatie, spitsuur, oud dametje aan de beurt, bril vergeten en de centen worden een voor een hardop geteld. En wij in de rij achter haar, allemaal jeugdauteurs, de een met een volle kar familieverpakkingen, de ander met een mandje vol biogroenten en stilistisch verantwoord verpakte spijzen, nog iemand met alleen maar een wit brood en de goedkoopste smeerkaas. Ik noem geen namen! Maar ik ben er zeker van dat niemand zou proberen voor te steken – daar hebben we allemaal lang genoeg winkeltje voor gespeeld, we zijn tot op het bot getraind. We zouden praatjes maken, grapjes zelfs, we zouden het bijna jammer vinden dat het oudje plots aan haar totaal zat. Zo is dat, of tenminste, zo voel ik het aan. Pensletjes onder elkaar, dat zijn we. Wat jullie?

Wat boeken kunnen: het begrip ‘virtuele collega’ invullen op de best mogelijke manier.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: