boeken voor kleine en grote kinderen

Je schrijft

In Over mijn werk on februari 6, 2014 at 2:04 pm

Schrijven is een vreemd beroep. Laat mij even uitleggen hoe dat komt.
Je opent je document, leest wat je gisteren schreef. Je denkt na hoe het verder moet. Je probeert een paar zinnen. Je schrapt ze weer. Je stopt een houtblok in de kachel, gisteren gekliefd. Je kijkt of er nieuwe mails zijn. Er zijn er, maar geen een weet je aandacht vast te houden. Je verlangt naar afleiding, je opent Facebook. Je leest de eerste drie berichten en klikt het klein. De nieuwe kat die zelfs nog geen naam heeft, komt een kopje geven. Je bent haar daar dankbaar voor. Je wilt een naam voor haar, nu meteen. Je kijkt nog maar een keer op http://www.kattennamen.be. Je klikt op geen enkele letter van het alfabet, weet al dat de naam er niet tussen staat. Je loopt voorbij de boekenrijen en stopt. Je las een interview met Wim Kayser in De Standaard Weekblad vorig weekend, weet dat ‘Van de schoonheid en de troost’ hier ergens tussen staat. Je vindt mooie titels, maar niet ‘Van de schoonheid en de troost’. Je wilt plots de troost zelf, niet meer dat boek. Je troost jezelf met je eigen doden. Je denkt aan Sophie, die elf jaar geleden stierf. Je denkt aan de vorige kat, die overhoop werd gereden. Je denkt aan A.L. Snijders, die niet dood is, maar van wie je het werk leerde kennen op de avond dat de kat stierf. Je ziet ‘Waar was je nou’ staan, van K. Schippers. Je neemt het boek uit het rek, je houdt van de titel, je begint te lezen. In de eerste alinea denk je al een fout te lezen. Het leidt af, je stopt met lezen. Je herleest je eigen laatste zinnen. Het personage over wie je schrijft verwondt zichzelf regelmatig. Het gaat je verstand en je verbeelding te boven. Je opent http://www.zelfbeschadiging.info. Je wilt meer te weten komen over endogene opiaten, natuurlijke pijnstillers die vrijkomen als meisjes zich snijden. Je leest een paar zinnen op de site, schrijft er dan zelf een paar. Naar fouten kijk je niet, dat is voor later. Je kijkt of het vuuDSC_0184r nog goed brandt, dat doet het. Je komt op dreef, de kat slaapt. De bel gaat. De postbode heeft een aangetekende brief van de VDAB voor je. Er staat dreigende taal in, je krijgt drie dagen de tijd om te reageren. Drie dagen staat in vetjes. Je schrijft een e-mail naar de afzender van de brief, een jong meisje met een exotische naam, misschien gebruik je hem ooit. Je krijgt meteen antwoord dat het op een vergissing berust en dat ze je dossier in orde maakt. Je probeert haar naam uit op de kat. Je maakt koffie, giet een kommetje kleurrijke m&m’s uit voor erbij. Troostrijker dan dat wordt het niet, vandaag, denk je. En dan, plots, gebeurt het. Je schrijft. Het kondigt zich niet aan, het is er plots. De schrijver is degene die klaar zit. En ik zat klaar: wat een geluk.
(Suggesties voor poezennamen zijn overigens welkom.)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: